Vlinders en andere insecten voelen zich het meest thuis in een tuin met veel zon, kleur en geur. Door te kiezen voor bloeiende planten die rijk zijn aan nectar, help je ze. Denk aan lavendel, ijzerhard, zonnehoed en vlinderstruik. Maar een echte vlindertuin heeft meer nodig dan alleen bloemen. Ook waardplanten zijn belangrijk: planten waarop vlinders hun eitjes kunnen afzetten en waar rupsen zich kunnen ontwikkelen. Klimop, hulst, rolklaver en damastbloem zijn daar goede voorbeelden van.
Goed tuin management speelt hierbij een grote rol. Laat bijvoorbeeld een hoekje van de tuin wat ruiger, zodat rupsen en andere insecten schuilplekken hebben. Snoei niet te rigoureus in de zomer en verwijder uitgebloeide bloemen pas wanneer ze echt uitgebloeid zijn. Veel insecten halen daar nog voeding uit. Met een beetje nonchalance en wat extra aandacht creëer je een gezonde, levendige tuin waar vlinders en insecten graag terugkomen.

Bijen zijn onmisbaar in de tuin, zeker voor de bestuiving van fruitbomen. Zonder bijen is er minder bloesemzetting en dus minder fruit. Daarom is het belangrijk om planten te kiezen die veel nectar produceren. Bijen hebben een duidelijke voorkeur voor paarse en lila bloemen, omdat deze kleuren voor hen het beste zichtbaar zijn en vaak de meeste nectar bevatten. Denk aan lavendel, salvia, kattenkruid en verbena.
Goed tuinonderhoud helpt bijen ook. Zorg dat planten voldoende water krijgen tijdens droge periodes, want zonder vocht maken ze minder nectar aan. Knip uitgebloeide bloemen niet te snel weg; veel soorten bloeien langer door als je ze rustig laat uitbloeien. Laat daarnaast een hoekje van de tuin wat natuurlijker, zodat bijen en andere insecten schuilplekken hebben.
Met de juiste planten en een beetje aandacht creëer je een gezonde, bijvriendelijke tuin die bijdraagt aan een betere oogst én meer leven om je heen.



